Eerst word je als beroemdheid gastvrij onthaald. Vijftien jaar later moet je het land uit. Wat doet dat met je? Jon van Eerd (John Kraaijkamp Musical Award 2015) toont zich van een serieuze kant in de muziektheaterproductie Eisler On The Go. Hij kruipt in de huid van de Duitse componist Hanns Eisler, die nazi-Duitsland is ontvlucht. In de VS vindt hij een tweede thuis. Kort na de Tweede Wereldoorlog wordt hij echter beschuldigd van communistische sympathieën. Een parlementaire enquetecommissie verhoort hem en zet hem met veel media-aandacht het land uit. Eisler On The Go gaat over een hardvochtig politiek klimaat dat angst koestert en voedt, over heimwee, over botsende wereldbeelden en neurotische fixaties op slecht begrepen ideologieën. Verontrustend actueel.

Jon van Eerd speelt met een topcast van zangers die zowel hun wortels hebben in de klassieke muziek als in musical en lichte muziek. De leden van het toonaangevende New European Ensemble musiceren op het podium en nemen de kleinere rollen voor hun rekening. De muzikale rode draad wordt gevormd door songs en kamermuziek van Marc Blitzstein en van Hanns Eisler, onder andere uit zijn magistrale Hollywood Songbook, volgens sommigen de twintigste-eeuwse pendant van Schuberts Winterreise.
De wereldpremière vindt plaats in Amsterdam tijdens het Festival Theater Na De Dam op 4 mei 2017 en gaat daarna op een kleine tournee.


Meer informatie

In de vorm van een voyeuristische reality show ziet het publiek hoe meester Don Perlimplin door zijn huishoudster Marcolfa wordt voorgesteld aan de mooie Belisa. Er volgt een huwelijksfeest. Belisa heeft echter meer op met knappe jongemannen elders in het dorp dan met de boeklezende, zwijgende vijftiger, ook al is Don Perlimplin idolaat van haar. Don Perlimplin laat het allemaal toe en stimuleert haar zelfs de fysieke liefde buiten de echtelijke sponde te zoeken. In de tuin denkt Belisa de man van haar dromen te ontmoeten. Hij draagt een rode mantel en blijkt zwaar gewond te zijn. Als Belisa zijn mantel terugslaat, herkent zij Don Perlimplin. Met zijn zelf verkozen dood onthult Don Perlimplin op dramatische wijze zijn brandende liefde voor Belisa. Hij is het die Belisa al die tijd heeft verleid. Hij is het die het ultieme offer van de liefde voor een ander mens brengt, ook al wordt die liefde niet beantwoord. En hij doet dit als voorbeeld voor de mensheid. Dit is het moment van catharsis voor Belisa en ook de televisiekijker realiseert zich maar al te goed de uniciteit van deze gebeurtenis. Twee talkshow-presentatoren maken van het geheel een collectieve religieuze beleving. Belisa als heilige Maddalena stijgt ten hemel op de zoete klanken van Giovanni Bononcini.

 

Bruno Maderna (1920-1973) schreef in 1961 een korte radio-opera op basis van een Italiaanse bewerking van het toneelstuk Don Perlimplin van Federico Garcia Lorca. Maderna´s versie ligt aan de basis van de voorstelling van KamerOperaProject en wordt hier compleet uitgevoerd. Bijzonder aan de opera is dat de hoofdrolspeler een fluitist is. Hij zingt niet. Alles wat hij denkt en voelt komt tot ons via zijn fluitspel.

Naast Maderna's radio-opera omvat de productie belangrijke delen uit het oratorium La Maddalena a´piedi di Cristo uit 1690 van Giovanni Bononcini en scenes uit La morte ha fatto l´uovo, een cult-film uit 1969 van Giulio Questi, waarvoor Bruno Maderna de provocerende filmmuziek componeerde. Film en ook deze productie spelen zich af in en rond een industriële kippenfarm.

Meer informatie

Een overgevoelige beroemdheid wenst rust. Hij denkt die te kunnen vinden in kamer 81 van een stadshotel. Voor de zekerheid boekt hij drie kamers naast elkaar. Dan heeft hij geen last van lawaaiige buren. Stiekem verhuurt de hoteleigenaar desalniettemin toch ook maar de twee kamers die de beroemdheid niet zal benutten, de één aan een officier, de ander aan een jong stel dat er vervolgens een wilde nacht beleeft. Dat scheelt weer inkomsten, denkt de hoteleigenaar. Dit alles leidt tot een nacht vol misverstanden, irritaties, kortstondige dromen en veel open- en dichtslaande deuren. En die nacht slikken vooral de mannen heel wat pillen …

KamerOperaProject combineert de komische, korte opera La notte di un nevrastenico (1959) van Nino Rota met de zeven losse scènes uit de opera Sette Canzoni (Sette espressioni drammatiche) van Gian Francesco Malipiero, geschreven tussen 1918 en 1919. De Sette Canzoni vormen samen één van de belangrijkste 20ste eeuwse Italiaanse opera's en belichten hier de diepere verlangens, angsten en neuroses van de hotelgasten en het hotelpersoneel.  

De Nederlandse Reisopera verkende in 2012-2013 de mogelijkheid om deze productie in het programma op te nemen. KamerOperaProject zou dan de dramaturgie verzorgen en een interessante randprogrammering met films, lezingen en kamermuziek. Voorlopig is deze productie echter op de lange baan geschoven.

Meer informatie

portret van een Berlijnse vrouw in 1945-46

Hartverwarmend waren de reacties van publiek en pers naar aanleiding van de solovoorstelling Ornamente für Kate Kühl van KamerOperaProject, gezongen door de Vlaamse actrice-zangeres Evi De Jean. Zij zong tijdens het Grachtenfestival 2011 unieke, nog nooit eerder vertolkte, lichte liederen van de Berlijnse componist Boris Blacher uit de periode 1930-1951. KamerOperaProject vond de manuscripten in 2010 terug in de Oost-Berlijnse archieven. Evi De Jean werd in deze voorstelling begeleid door de jonge Arthur Rusanovsky (viool) en Jeroen Sarphati (piano). Jos Agasi verzorgde de projecties. De toneelteksten zijn van Paul Oomens. 

Ornamente für Kate Kühl is een intens portret van een vrouw in het verwoeste Berlijn van 1945-1946. Zonder man en bedreigd door Russische soldaten probeert zij weer een bestaan op te bouwen. 

Meer informatie

opera's van Blacher en Hartmann afgestoft

De opkomende vloed overvalt een groep toeristen tijdens een wadwandeling naar een scheepswrak dat bij eb boven het zand uitsteekt. De opera geeft een vilein en universeel commentaar op wat er met een groep mensen gebeurt als die onder druk komt te staan. Vloed! is te zien als commentaar op de actuele crisis die komt en ongetwijfeld ook wel weer een keer gaat. Crisis leidt tot liefde, tot verzet, verraad en opportunisme. En wegkijken helpt niet, want ook wachten op nieuwe kansen leidt tot schrijnend verlies.

 

Op 13, 14 en 15 augustus 2011 was de operaproductie Vloed! te zien in het Compagnie Theater in Amsterdam als onderdeel van het Grachtenfestival Amsterdam. De productie is gebaseerd op Die Flut  van de Berlijnse componist Boris Blacher, de eerste nieuwe Duitse opera die in 1947 klinkt op de puinhopen van een verwoest Duitsland. De muziek is vitaal, puntig en in het arrangement van pianist en muzikaal leider Kimball Huigens danig afgestoft.  Regisseur Elsina Jansen bracht voor KamerOperaProject Die Flut samen met twee andere opera´s: de schandaalopera Abstrakte Oper nr. 1 (1953), ook van Boris Blacher, en de tienminutenopera  Der Mann der vom Tode auferstand (1929) van Karl-Amadeus Hartmann. 

Voorafgaand aan de premiere van Vloed! publiceert dagblad Parool op woensdag 10 augustus 2011 uitgebreid aandacht aan de productie. 

persreacties

KamerOperaProject pakte flink uit rond de Duitse componist Boris Blacher, dit weekend tijdens het Grachtenfestival. Op voortreffelijke wijze bracht het gezelschap Blachers beide opera’s en zowat al zijn liederen.

Basia Jaworski in Place de l’Opera


KamerOperaProject heeft met de productie van deze opera’s een sympathiek initiatief genomen en voert een goed pleidooi voor deze muziek, dat bij de gevestigde gezelschappen helaas ontbreekt.

Mark  Duijnstee in Opera Nederland


Gecombineerd met effectieve regie en prima cast is Vloed! een sterk pleidooi voor Blachers ambivalente muziek - speels én somber, beinvloed door de ironie van Kurt Weill en het Berlijnse cabaret, vaak spaarzaam uitgewerkt.
 

Floris Don in  NRC Handelsblad


Het samenvoegen van ‘Abstrakte Oper’ en ‘Die Flut’ is een sterke zet. De lineaire verhaallijn van ‘Die Flut’ wordt door de scènes uit ‘Abstrakte Oper Nr. 1’ onderbroken en de emoties “angst”, “liefde”, “pijn” en “paniek” worden hierdoor in ‘Die Flut’ verdiept, vergroot en versterkt.

Mark  Duijnstee in Opera Nederland


De voorstelling was waanzinnig spannend. Er werd voortreffelijk in gezongen en geacteerd. Ik werd met name gecharmeerd door de bariton Alistair Shelton Smith (visser). De begeleiding door de zes musici tellende ensemble was voorbeeldig.

Basia Jaworski in Place de l’Opera


Opvallende stemmen zijn er van de sopraan Nienke Otten in “Schmerz”, de bariton Bastiaan Witsenburg in “Verhandlung” en de mezzosopraan Suzanne Lena in “Vor diesem Kreis” uit de ‘Fünf Sinnsprüche Omars des Zeltmachers’ van Blacher. Bariton Alistair Shelton-Smith zingt de aria van de eerlijke, integere en eenzame visser “Und sie wird kommen” zeer gevoelig.

Mark  Duijnstee in Opera Nederland


Bas Jeroen Manders portretteert de meelijwekkende bankier met humor. Zijn voornaamste commentaar bij het zien van het wrak: "Zonde van de aandelen." 

Floris Don in  NRC Handelsblad

Amerikaanse middenklasse in de jaren '50

KamerOperaProject voerde in januari 2007 drie prachtige Amerikaanse kameropera’s uit van Samuel Barber, Ned Rorem en Lukas Foss over eenzaamheid en onvervulde verlangens. I'm very lonely in my way becommentarieert de dagelijkse beslommeringen van de gegoede middenklasse tijdens de Fifties in de Verenigde Staten. Iedereen wil wat anders. De een wil een extravagante hoed, de ander een man. De een wil sex, de ander macht. In de metro, op het vliegveld, aan een bridgetafel, op een cocktailparty zijn zeven personages op zoek. Onder de oppervlakte broeit het. Het publiek volgt hun grillige pad dat leidt naar een cocktail party. De climax? Maar wat hebben ze elkaar eigenlijk te vertellen?

 

Four Dialogues (1954) van Ned Rorem en Introductions and Goodbyes (1960) van Lukas Foss zijn nooit eerder in Nederland te zien geweest. A Hand of Bridge (1959) van Samuel Barber is daarentegen een vrij bekende kameropera. In de enscenering zijn pianowerken en veel liederen van vooral Ned Rorem en Samuel Barber verwerkt. 

De succesvolle première heeft op 13 januari 2007 plaats gevonden in Theater Zwembad De Regentes. Erna is de voorstelling nog te zien geweest in de Amstelkerk in Amsterdam (2x), in Theater Concordia in Enschede en in Arnhem.

persreacties

In een sublieme regie, sober voor de opera´s, maar juist levendig voor de liederen, laat Elsina Jansen beide kunstvormen op natuurlijke wijze in elkaar overvloeien. 

Rien Frölich in  AD Haagsche Courant

 

En paar typerende reacties uit het publiek na de première:

'... prachtige stemmen ...'
'... uitgekiende overgangen  ...´
'... de liederen zijn schitterend geïntegreerd in de totale regie ...'
'... dit moet 100 keer worden uitgevoerd!'
'... integer theater met heel veel respect voor het repertoire ...'
'... met deze productie slagen jullie erin een heel nieuw publiek te interesseren voor opera ...'
'... de hele boog van de voorstelling is prachtig gecomponeerd ...'

Lukas Foss en Paul Oomens, november 2007

Ned Rorem en Paul Oomens, november 2007

werkwijze

KamerOperaProject combineert bestaande korte opera´s uit de 20ste eeuw met liederen, nieuwe toneelteksten, documentaire materiaal en/of andere opera´s tot een avondvullend programma. Dat gebeurt met respect voor de oorspronkelijke partituren en intenties van de componist. De combinatie levert geheel nieuwe dramaturgische mogelijkheden op. Ook kunnen op deze manier aantrekkelijke, maar onterecht onbekende werken (opnieuw) aandacht krijgen voor een breed publiek.

Waar nodig en toegestaan verzorgt KamerOperaProject ook een muzikale bewerking van het materiaal. KamerOperaProject schroomt ook niet de archieven in te gaan om waardevol materiaal naar boven te halen. 

KamerOperaProject streeft naar perfectie in de voorbereiding van het muzikale materiaal, samenwerking met uitstekende partners en kansen voor nieuw talent, of het nu gaat om zangers, videokunstenaars, vertalers, boventitelaars of productie-assistenten.